VERICUT RECON Budapest – inleiding en leeswijzer
Afgelopen week werd in Budapest weer de jaarlijkse VERICUT RECON (REseller CONference) gehouden. Emiel en Alban zijn daar naartoe geweest om te horen wat er allemaal nieuw is en natuurlijk om te connecten met de andere resellers uit europa.

Tijdens VERICUT RECON in Budapest kwamen meerdere ontwikkelingen voorbij die laten zien dat VERICUT zich niet alleen richt op NC-verificatie, maar ook steeds sterker inzet op gebruiksgemak, koppelingen met digitale machine-tweelingen en procesoptimalisatie. In de losse artikelen hieronder gaan we daar dieper op in. Niet elk onderwerp is voor iedere lezer even relevant. Daarom hieronder een korte leeswijzer, zodat je snel kunt bepalen welke onderdelen voor jouw rol of interesse de moeite waard zijn.
-
VERICUT Assistant (VA) en Vericut Intelligence (VI)
Dit deel gaat over twee AI-hulpmiddelen binnen het VERICUT-ecosysteem. VA is vooral bedoeld als praktische hulp in de software zelf: snel antwoord krijgen op vragen over hoe je iets doet in VERICUT. VI is meer een online kennis- en uitlegtool die helpt om producten, modules en voordelen beter te begrijpen. Vooral interessant voor nieuwe of minder ervaren gebruikers, of voor wie wil zien hoe AI ondersteuning kan bieden in de dagelijkse praktijk. -
VERICUT + Siemens RMVM (Run My Virtual Machine)
Dit onderdeel gaat over de nieuwe koppeling tussen VERICUT en Siemens RMVM. De kern hiervan is dat de Siemens digital twin de NC-verwerking uitvoert, terwijl VERICUT de vertrouwde host- en visualisatielaag blijft. Dit is vooral relevant voor wie werkt met Siemens ONE-besturingen, digital twins, realistischere verificatie en onderwerpen zoals encrypted subprogramma’s, VCP-files en nauwkeurige cyclustijden. -
VERICUT Force en Optimizer
Hier ligt de nadruk op procesoptimalisatie. In plaats van alleen te kijken naar vaste feeds & speeds, draait het hier om het constanter houden van spaandikte en het beheersen van krachten tijdens het verspanen. Dat kan leiden tot stabielere bewerkingen, minder gereedschapsbelasting en vaak kortere cyclustijden. Dit stuk is vooral interessant voor wie bezig is met performance, verspaningscondities, gereedschapsbelasting en ROI.
Kort samengevat:
- Zoek je vooral iets over gebruiksgemak en AI-ondersteuning? Lees dan het stuk over VA en VI.
- Ben je geïnteresseerd in digital twins, Siemens-integratie en realistische NC-verwerking? Ga dan naar het stuk over RMVM.
- Wil je weten hoe je sneller, stabieler en efficiënter kunt verspanen? Dan is het artikel over Force en Optimizer het meest relevant.
Zo kunt u snel naar het onderwerp dat voor u het meest van belang is, en daarna eventueel de verdiepende artikelen lezen voor meer context en details.
VERICUT RECON Budapest: twee AI-hulpmiddelen die je werk sneller op weg helpen
Deze week waren Emiel en Alban in Budapest bij VERICUT RECON. Tussen de sessies en demo’s door viel één onderwerp extra op: hoe VERICUT AI inzet om gebruikers sneller antwoorden te geven en drempels weg te nemen. Zeker als je nog niet zo lang met VERICUT werkt, kan het soms zoeken zijn: waar zit die functie, welke instelling heb ik nodig, en wat is nou de juiste werkwijze? Daarom in deze korte blog een heldere introductie van twee AI-tools die we daar besproken zagen: VERICUT Assistant (VA) en Vericut Intelligence (VI). Ze lijken op elkaar (allebei chat), maar hebben elk een ander doel.
Twee tools, twee doelen
Het helpt om VA en VI zo te zien:
- VERICUT Assistant (VA) = praktische hulp in de software. Denk: “Hoe doe ik dit in VERICUT?”
- Vericut Intelligence (VI) = kennis- en uitlegtool via de website. Denk: “Wat is dit product, wat doet het, en wat zijn de voordelen?”
Als beginnende gebruiker wil je meestal vooral snel stappen kunnen zetten in de applicatie zelf. Daar is VA voor bedoeld. VI is juist handig als je breder wil begrijpen wat VERICUT (en modules zoals Optimizer) voor je organisatie kan betekenen.
VERICUT Assistant (VA): je ‘eerste lijns support’ in VERICUT
VERICUT Assistant is opgezet als een soort ingebouwde helpdesk: je stelt een vraag in chatvorm en krijgt direct uitleg of een stappenplan. Handig wanneer je even vastloopt of wanneer je geen zin hebt om door menu’s of handleidingen te bladeren.
Belangrijk om te weten (zoals het tijdens RECON werd toegelicht):
- VA is bedoeld als eerste lijns support voor “hoe doe ik X?”-vragen.
- De antwoorden zijn gebaseerd op de VERICUT help/documentatie (dus gericht op praktische toepassing).
- Je wordt aangemoedigd om antwoorden te beoordelen met thumbs up of thumbs down. Die feedback wordt anoniem gebruikt om het achterliggende model beter te maken.
Voor onervaren gebruikers is dat vooral fijn om twee redenen. Ten eerste: je kunt gewoon in normale taal vragen stellen (“Waar vind ik Force Settings?” of “Hoe start ik een optimalisatie?”). Ten tweede: je krijgt vaak meteen een stappenlijstje, waardoor je sneller leert hoe VERICUT is opgebouwd.
Waar vind je VA in de software?
VA is vanuit VERICUT zelf bereikbaar. In onze setup zie je rechtsboven een oranje VA-icoon. Klik daarop en je krijgt een chatvenster waarin je direct kunt typen.
Tip voor beginners: stel je vraag zo concreet mogelijk. Bijvoorbeeld: “Ik wil Force optimalisatie starten. Welke stappen moet ik volgen?” In plaats van: “Force werkt niet.” Hoe specifieker je bent, hoe sneller je een bruikbaar stappenplan krijgt.
Vericut Intelligence (VI): de online kennis-hub
Vericut Intelligence (VI) is beschikbaar via de website en werkt als een centrale plek waar VERICUT productkennis bij elkaar komt. Het is vooral een tool die uitlegt wat VERICUT is, welke modules er zijn, en hoe functies of concepten in elkaar steken.
Je kunt VI bijvoorbeeld gebruiken voor vragen als:
“Wat is VERICUT Optimizer en wat levert het op?”
“Wat betekent ‘Force’ in deze context?”
“Wat doet functie X en wanneer gebruik ik die?”
Een leuke (en voor Nederlandse teams praktische) observatie: VI kan ook gewoon in het Nederlands antwoorden.

Wil je VI zelf bekijken: Vericut Intelligence is te vinden op de website van VERICUT.
Welke moet je wanneer gebruiken? (snelle keuzehulp)
- Gebruik VA als je in VERICUT zit en je wil weten hoe je iets moet doen (stappen, knoppen, tabs, instellingen).
- Gebruik VI als je wil begrijpen wat een feature of module is en waarom je die zou gebruiken (uitleg, context, voordelen).
En misschien wel de belangrijkste les van RECON: zie deze tools niet als “magische antwoorden”, maar als een snelle start. Lees een antwoord even kritisch, probeer het uit, en geef feedback (zeker bij VA). Zo help je niet alleen jezelf vooruit, maar wordt het systeem ook beter voor iedereen.
Tot slot
Voor ons was Budapest een mooie bevestiging dat VERICUT niet alleen inzet op simulatie en optimalisatie, maar ook op toegankelijkheid: sneller leren, minder zoeken, sneller resultaat. Ben je net begonnen met VERICUT? Zet VA gerust in als je dagelijkse vraagbaak, en gebruik VI als je breder wil snappen wat er allemaal mogelijk is.
Kort: wat is RMVM?
RMVM (Siemens Run My Virtual Machine) is Siemens’ omgeving om een virtuele machine (digital twin) te starten en NC-code offline te laten verwerken zoals de echte machine/besturing dat zou doen. In deze setup draait RMVM op basis van een VCP file (Siemens digital twin) en levert het de bewegingen/events terug aan een host-applicatie (in ons geval: VERICUT).
Kort: wat is VERICUT?
VERICUT is software voor het verifiëren en optimaliseren van NC-code (o.a. voor draai- en freesmachines). Traditioneel doet VERICUT dit door de besturing te emuleren en de machinebewegingen te simuleren in de eigen digital twin: de VMC (VERICUT Machine Configuration).
Context: waarom dit relevant is (meeting)
Tijdens de jaarlijkse VERICUT RECON (Reseller Conference) in Budapest is aangekondigd dat er een partnership is tussen Siemens (RMVM & besturingen) en VERICUT. Daarmee kan VERICUT nu RMVM inzetten voor machines met Siemens ONE control.
Wat is er nieuw met VERICUT + RMVM?
- In VERICUT is het nu mogelijk om RMVM (Run My Virtual Machine) te gebruiken voor Siemens ONE control machines.
- Hiermee verschuift de “bron van waarheid” voor NC-verwerking: RMVM verwerkt de NC, VERICUT visualiseert en blijft het vertrouwde platform voor de workflow.
Werkwijze: traditioneel vs. met RMVM
Traditioneel (VERICUT standalone)
- VERICUT emuleert de machinebesturing.
- VERICUT laat de VMC bewegen om het proces te simuleren.
Met RMVM (nieuwe flow)
- VERICUT stuurt naar RMVM:
- modellen (ruwdelen, opspanning, etc.)
- tooling
- work offsets
- NC-code
- RMVM start de virtuele machine (Siemens digital twin via VCP file) en verwerkt de NC-code.
- RMVM retourneert de bewegingen/events naar VERICUT.
- VERICUT toont dit in de vertrouwde interface (VERICUT “acts as host”; MyVirtual Machine “moves the axes”).
Belangrijkste voordelen
- Realistischere verificatie: de NC-verwerking gebeurt door RMVM op de Siemens digital twin i.p.v. controller-emulatie in VERICUT (zoals besproken: “identiek aan de echte machine”).
- Encrypted subprogramma’s geen blocker meer:
- RMVM gebruikt een (arc-)pakket met parameters + (encrypted) onderprogramma’s/routines.
- Voorheen moesten encrypted routines (bijv. probing) vaak worden “nagemaakt”/reverse engineered om ze in VERICUT te simuleren.
- Nu hoeft de inhoud niet leesbaar te zijn, zolang RMVM de bewegingen maar terugstuurt.
- Accurate cyclustijden: RMVM geeft (volgens de meeting) nauwkeurige cycle times.
Randvoorwaarden & technische afhankelijkheden
- Single channel only (op dit moment).
- Versiematch is kritisch: VCP file versie en RMVM versie moeten 1-op-1 overeenkomen.
- VCP beschikbaarheid:
- We moeten de VCP file kunnen bemachtigen.
- Richting/ambitie (Siemens/VERICUT): machineleveranciers gaan VCP’s leveren; praktijk moet uitwijzen hoe dit loopt.
-
We hebben via een machineleverancier van een grote klant al onze postprocessor en Vericut VMC laten testen via RMVM.
-
Een andere klant heeft de VCP bij hun nieuwe machine gekocht, en heeft interesse getoond in deze oplossing.
Huidige functionele limitaties (zoals besproken)
- Advanced tool transfers gaan nog niet altijd goed.
- Advanced magazine / tool magazine configuratie kan falen.
- Stop-opties: niet alles wordt ondersteund. Wél ondersteund zijn:
- stop at collision
- at max errors
- at max warnings
- at line number
- at toolchange Overige stop-opties worden (nog) niet ondersteund.
- Geen Force optimization.
- Single instance RMVM: slechts één RMVM-instantie tegelijk.
- Performance: iets langzamer dan VERICUT standalone.
- M01/M00 handling: RMVM handelt M01/M00 zelf af.
RMVM-varianten (operate / open / create) – uitgebreider
Belangrijk: organisaties die RMVM al gebruiken, hebben vaak alleen “operate”. Voor de VERICUT-koppeling is minimaal “open” nodig.
1) rmvm_operate
- Doel: offline werken met het Siemens ONE control panel op je computer (programmeren/simuleren in een Siemens-omgeving).
- Past bij: gebruikers die vooral “in Siemens” willen testen/bedienen, los van VERICUT.
2) rmvm_open (minimaal nodig voor VERICUT-koppeling)
- Doel: koppeling/communicatie mogelijk maken zodat een externe host (hier: VERICUT) RMVM kan aansturen.
- In deze setup: VERICUT levert rmvm_open in een bundle met de VC ↔ RMVM interface; samen verzorgen ze de gegevensuitwisseling (NC, offsets, tooling, modellen) en het terugsturen van motion/events.
3) rmvm_create (optioneel, duur)
- Doel: zelf VCP files (Siemens digital twins) kunnen maken/aanmaken.
- In de visie van Siemens/VERICUT: idealiter leveren machinebouwers de VCP’s; rmvm_create is dan niet nodig voor eindgebruikers, maar kan relevant zijn als je zelf twins moet opbouwen.
Pricing-indicatie (intern): rmvm_open + VC interface (bundle) is genoemd als circa €4000 (indicatief).
Vergelijkbare oplossingen / vooruitblik
- Vergelijkbare oplossing komt binnenkort beschikbaar voor Fanuc via FanucGuide2.
- Hoop/verwachting: later mogelijk ook iets vergelijkbaars voor Heidenhain (nog niet concreet bevestigd).
Bronnen
Van feeds & speeds naar constante spaandikte met Force en Optimizer
Na een paar dagen VERICUT RECON in Budapest bleef één thema bij mij het sterkst hangen: veel van onze NC-programma’s zijn “goed” omdat ze draaien zonder problemen, maar ze laten vaak nog performance liggen omdat de snijcondities binnen één en dezelfde bewerking continu veranderen. En precies daar komen VERICUT Force en VERICUT Optimizer heel overtuigend om de hoek kijken.
Waar we in CAM traditioneel sturen met voedingen en toerentallen, schuiven Force en Optimizer de aandacht op wat er in de praktijk écht bepalend is: spaandikte (chip thickness) en de krachten die daaruit volgen. Het mooie is dat dit geen theoretisch verhaal is. Het is een pragmatische manier om bestaande NC-code slimmer te maken, zonder dat je je CAM-strategie opnieuw hoeft uit te vinden.
Het probleem: feeds & speeds zijn constant, de snijcondities niet
De basis in veel CAM-pakketten is bekend: je kiest een gereedschap, materiaal, strategie, en je programmeert met een vaste set S (toerental) en F (voeding), eventueel met wat lokale overrides. Dat werkt prima zolang de snede “netjes” voorspelbaar blijft: een rechte snede met gelijkblijvende diepte en breedte. In dat geval blijft het contactoppervlak ongeveer constant, en daarmee blijven spaandikte en kracht redelijk stabiel. Maar in echte onderdelen gebeurt het omgekeerde. Denk aan een binnenhoek, een aanloop het materiaal in, een variërende opspanning of een pocket waar de engagement ineens toeneemt. Als jij de voeding, diepte en breedte van de snede gelijk houdt, dan neemt het contactoppervlak toe. Gevolg: spaandikte omhoog, krachten omhoog. Precies op dat moment zit je in het gebied waar je trillingen krijgt, een frees kan “klappen” of je proces instabiel wordt.

Er bestaan natuurlijk al veel oplossingen die dit proberen te ondervangen. Waveform/adaptive strategieën (bijvoorbeeld in Edgecam) sturen vaak op het constant houden van engagement door de snedebreedte en toolpath-vorm zo te kiezen dat het contact zo gelijk mogelijk blijft. Dat werkt, maar het vereist meestal dat je de strategie in CAM al anders opzet.
Wat VERICUT Force anders doet
VERICUT Force pakt het probleem van variërende spaandikte en kracht anders aan: niet door je toolpath te hertekenen, maar door je NC-programma slimmer te “schedulen”.
De workflow die ik belangrijk vind (en die in de praktijk veel vertrouwen geeft) is deze:
- Je start met NC-code die al op de machine heeft gedraaid. Dat is cruciaal, want dan weet je: de gekozen feeds/rpm en de resulterende krachten zijn in elk geval “acceptabel genoeg” om het proces veilig te draaien.
- Je simuleert die NC-code in VERICUT en Force doet vervolgens een cut-by-cut analyse van snijcondities, inclusief pieken en dalen in krachten en spaandikte. (bron)
- Daarna optimaliseert Force de voeding zó dat je zo dicht mogelijk bij een constante (ideale) spaandikte uitkomt, terwijl het tegelijk excessieve krachten en spindle power begrenst. (bron)
Het meest onderscheidende punt: de vorm van de gereedschapsbanen blijft gelijk. Force verandert dus niet je geometrie of strategie. Wat er wél gebeurt: het NC-programma mag worden opgedeeld in kortere segmenten (block break-up), zodat per segment een aangepaste voeding kan worden toegepast. Force “rekent” als het ware nieuwe feedrates uit en past die block-by-block toe om de ideale spaandikte te benaderen. (bron)
Concreet zie je dan precies de situaties terug die je in de praktijk herkent:
- Een hoek “induiken” waar de engagement omhoog schiet: Force knijpt de voeding iets, zodat piekkrachten verdwijnen.
- Een lange, rustige snede met lagere spaandikte dan de tool aankan: Force zet de voeding juist omhoog, waardoor je de tool beter benut.

Wat levert dat op in de praktijk?
Het effect van die aanpak is eigenlijk heel logisch als je het eenmaal door hebt:
- Minder trillingen en stabieler proces: doordat pieken in belasting en spaandikte worden afgevlakt, verdwijnen veel “stressmomenten” (bijvoorbeeld in hoeken en bij inloop/uitloop) die normaal gesproken voor chatter of overbelasting zorgen.
- Minder gereedschapsslijtage: piekbelasting is vaak de aanjager van microchipping en versnelde slijtage. Door die pieken te reduceren wordt de belasting gelijkmatiger en het proces voorspelbaarder.
- Vaak kortere doorlooptijden: je gaat lokaal soms langzamer bij pieken, maar omdat je op veel andere plekken juist sneller kunt, win je netto tijd. VERICUT positioneert dit als cycle time reductions die sterk afhangen van part en uitgangssituatie. (bron)
- Minder energieverbruik: kortere cyclustijden betekenen in veel gevallen minder kWh per onderdeel, zeker als je meerdere operations per dag draait.
En dat is waar de ROI van Force vaak zo gunstig wordt: je combineert sneller produceren met minder gereedschaps- en procesproblemen.
VERICUT Optimizer: dezelfde kern, andere insteek
Niet elk bedrijf is meteen toe aan “full blown” NC-verificatie met complete machinesimulatie, collision checking, fixtures, etc. En toch wil je soms wél de winst pakken van force-/chip-thickness-gedreven optimalisatie. Daar komt VERICUT Optimizer in beeld: een standalone applicatie die de kern van Force beschikbaar maakt voor bedrijven die (nog) geen volledige VERICUT-setup draaien. In de Virtual Manufacturing UK case study wordt Optimizer neergezet als “a stand-alone version of Vericut’s integrated Force module”. (bron)
Belangrijk om helder te houden:
- Optimizer is gericht op optimalisatie, niet op uitgebreide botsingscontrole.
- Je kunt er NC-code mee optimaliseren uit elk CAM-systeem, of zelfs handgeschreven code. (Zie ook de productinformatie rondom Optimizer.)
- Voor veel gangbare CAM-systemen bestaan interfaces die tooling, nulpunten, NC-programma en ruwdeel kunnen doorzetten richting Optimizer (details verschillen per CAM/implementatie, maar het idee is: de drempel omlaag).
De kernflow in Optimizer lijkt sterk op Force:
- Analyseer het bestaande NC-programma en breng pieken/dalen in kaart.
- Pas feedrates aan: knijpen bij te hoge spaandikte/kracht, opvoeren waar de spaandikte te laag is.
- De gebruiker kan de agressiviteit van optimalisatie bepalen.
Ook hier geldt: toolpath-vorm verandert niet, maar het programma kan wel worden gesegmenteerd zodat feed scheduling mogelijk wordt. (bron)
Een concreet datapunt: titanium case met cycle time en energie
Wat prettig is aan de Virtual Manufacturing UK PDF is dat er niet alleen over “sneller” gesproken wordt, maar dat er een echte before/after en zelfs energie-metingen in staan.
In die trial werd een titanium teststuk (Ti-6Al-4V) bewerkt. De oorspronkelijke (niet-geoptimaliseerde) cyclustijd was 30:35. Na toepassing van VERICUT Optimizer werd dat 23:06, een besparing van 24,5%. (bron)
Vervolgens is de energievraag gemeten met monitoring hardware op de hoofdaansluiting van de machine. De on-geoptimaliseerde cyclus verbruikte 13,75 kWh; de geoptimaliseerde cyclus 11,11 kWh, oftewel 19,2% reductie. (bron)
Dezelfde case study koppelt dit ook aan het algemene beeld dat cycle time reducties “typisch 10–30%” kunnen zijn (als bandbreedte), met een directe link naar ROI. (bron)
Wanneer kies je Force en wanneer Optimizer?
In de praktijk kun je het zo simpel maken:
- Heb je VERICUT al draaien voor verificatie/simulatie? Dan ligt het voor de hand om je bestaande VERICUT-licentie uit te breiden met Force en die optimalisatie in dezelfde workflow te plaatsen als je verificatie. Je krijgt dan één keten: verifiëren → analyseren → optimaliseren.
- Wil je vooral optimaliseren met een lagere instap, zonder complete machinesimulatie en botsingscontrole? Dan is VERICUT Optimizer interessant als standalone. In jouw woorden: bedoeld voor bedrijven die (nog) niet toe zijn aan de volledige VERICUT-verificatie, maar wél cycle time en processtabiliteit willen verbeteren.
In beide gevallen blijft één principe overeind: je start met NC-code die in de praktijk al “werkt”, en je gebruikt physics-based analyse om de variatie in spaandikte en krachten weg te poetsen, zonder dat je je toolpath opnieuw hoeft te programmeren.
Takeaway
Als ik één zin uit Budapest meeneem naar de werkvloer, is het deze: de machine draait geen feeds & speeds, de machine draait snijcondities. Force en Optimizer zijn tools die die realiteit expliciet maken, en er vervolgens iets nuttigs mee doen: pieken eruit, onderbenutte stukken sneller, en zo dichter naar een constante spaandikte per tool.
Dat levert meestal een combinatie op van:
- stabieler proces,
- minder gereedschapsstress,
- kortere cyclustijd,
- en aantoonbaar lager energieverbruik (zeker als je het meet, zoals in de case study).
